Wanneer ik aan de Rooseveltplaats van de bus stap, mijn sjaal nog eens goed schik om die tochtgaten te dichten en als laatste mijn kraag van men jas rechtzet, voel ik me vol zelfvertrouwen. Niet dat ik met mijn neus in de lucht loop. Ik voel me niet beter dan de rest, maar ik voel me goed. Ik draai de hoek aan het Defensiehuis om en kijk enkele etalages verder welke schone ‘deerne’ er deze week op de P-Magazine staat. Niet meteen iemand die me aanstaat. Ik twijfel, zou ik nog een krantje kopen, zodat ik als echte journalist toch het nieuws kan volgen of bekijk ik straks alles wel in het nieuws. Ondertussen slalom ik door de tegenliggers en knijp ik mijn tas nog eens vast in mijn hand. Ze is erbij, niet vergeten op de bus. Ik wacht tot het licht op groen springt, schiet in mijn startblokken en begeef me naar de metro. Helemaal niet erg boeiend dus. Maar wat me wel opvalt is dat ik in elke etalage die ik tegenkom, toch nog eens mezelf bekijk. Is dat dan pure ijdelheid of is het gewoon even dat checken of alles nog wel zit zoals ik dacht dat het eruit zag? Ik denk een mengeling.
donderdag 28 februari 2008
Abonneren op:
Reacties plaatsen (Atom)
1 reacties:
Oef, ik ben niet de enige die dat doet. :)
Een reactie plaatsen