donderdag 28 februari 2008

Donderdag.

Wanneer ik aan de Rooseveltplaats van de bus stap, mijn sjaal nog eens goed schik om die tochtgaten te dichten en als laatste mijn kraag van men jas rechtzet, voel ik me vol zelfvertrouwen. Niet dat ik met mijn neus in de lucht loop. Ik voel me niet beter dan de rest, maar ik voel me goed. Ik draai de hoek aan het Defensiehuis om en kijk enkele etalages verder welke schone ‘deerne’ er deze week op de P-Magazine staat. Niet meteen iemand die me aanstaat. Ik twijfel, zou ik nog een krantje kopen, zodat ik als echte journalist toch het nieuws kan volgen of bekijk ik straks alles wel in het nieuws. Ondertussen slalom ik door de tegenliggers en knijp ik mijn tas nog eens vast in mijn hand. Ze is erbij, niet vergeten op de bus. Ik wacht tot het licht op groen springt, schiet in mijn startblokken en begeef me naar de metro. Helemaal niet erg boeiend dus. Maar wat me wel opvalt is dat ik in elke etalage die ik tegenkom, toch nog eens mezelf bekijk. Is dat dan pure ijdelheid of is het gewoon even dat checken of alles nog wel zit zoals ik dacht dat het eruit zag? Ik denk een mengeling.

maandag 25 februari 2008

Van 't een naart ander.

Dit weekend was weer zalig volgeboekt. Al had ik het helemaal anders verwacht. Ik had mij een CDL voorzien op vrijdag, zaterdagmiddag opstaan en wat lummelen tot ’s avonds, waarna ik naar een grote party zou vertrekken met vrienden. En ja, zondag zou dat een luierdag worden.

Maar vergeet het. Ik werd gebeld om te komen werken. Ook al kan ik zelf kiezen of ik ja of nee zeg, ik kon het niet laten. Heb deze week dan al een paar dagen thuis gezeten, waardoor ik toch nog iets actiefs op de werkvloer moet ondernemen. Maar ik verzeker je, het geeft me een zalig gevoel. Van zaterdag tot ja, nu eigenlijk, heb ik geen moment stilgezeten. Of misschien toch, dat laatste halfuurtje van de dag wanneer ik me in slaap lees. En ja misschien ook tijdens mijn toiletbezoek… Ik beken, er zijn af en toe wel stillere momenten. Maar je weet wat ik bedoel. Ik raas maar door en mijn dag eindigt in mijn bed en niet ’s middags wanneer ik niets meer om handen heb. Ik sta op een deftig uur op, douche me, vertrek naar het werk en zelfs na mijn werk, werk ik nog twee uurtjes extra voor iets anders. Ja ik hou er wel van, zo volgeladen te zijn! Het geeft voldoening.

zondag 24 februari 2008

Verandering.

Bizar. Vandaag was ze poeslief, of kon ik toch niets verkeerd doen. Zou ze ook mijn blog lezen :-).

zaterdag 23 februari 2008

De geweldige en de dommerik.

Hoe kan ze nu zo’n trut zijn. Nee ik heb het niet over een ex-lief… Het is één van mijn werkgevers die zich zo onuitstaanbaar kan gedragen. Gelukkig heb ik al ontdekt dat het ook bij andere collega’s wringt met haar en ze nu eenmaal een moeilijk mens is. Ze zit daar maar, ze commandeert me, wat eigenlijk wel haar taak is, maar de manier waarop ze het doet. Totaal verkeerd. Ze komt naast me staan, geeft me flinke kritiek, zit achter mijn gat als ze denkt dat ik niet snel genoeg werk. Maar hoe kan het ook anders, ik ben nog een beginneling en ik werk echt wel zo snel ik kan. Ik hoor van andere collega’s dat ik helemaal niet traag werk. Ik vind zelf ook dat ik van de ene naar de andere taak vlieg en ik er nog wel rekening mee probeer te houden, een taak niet half z’n gat te doen. Op andere dagen, wanneer zij mij niet de opdrachten te geven heeft, maar ik ze van iemand anders krijg, is er toch totaal geen probleem. En ja, loop ik ook niet zo op de toppen van mijn tenen rond.

Maar alé vandaag had ik weer prijs. Ik viel weer onder haar ‘duupje van de dag’. Ik was de nieuwste, jongste en onervaren journalist van vandaag, dus ja waarom zou ze niet op mij vitten. Och in het begin trok ik mij dat nog aan, maar ik nu durf ik zeggen dat ik me er niets van aantrek. Of dat probeer ik toch… Want ze is en blijft een werkgever en ik die verdomde domme nieuweling.

vrijdag 22 februari 2008

Het stinkt hier...

Als er nu iets is wat ik haat dan is het wel een onaangename busrit. Normaal heb ik daar helemaal niet zoveel last van en als ik een zitplekje heb, mijn boekje of krant kan bovenhalen, zit ik wel goed. Maar als er iemand naast mij belandt die stinkt, is de pret al snel over. Je kan niet weg en zit voor de rest van de rit gevangen. En geloof me, aangezien mijn busrit zo’n 50 minuten duurt, is dat wel eens afzien.

Van de week had ik dus weer prijs. Ik zat rustig op mijn gemakje mijn boek te lezen, stapt enkele haltes verder een jonge kerel op. Hij zag er verzorgd uit, maar wacht tot je zijn geur waarneemt. Om in details te treden vermoed ik dat het vooral zijn adem was. En telkens wanneer hij zuchtte, wat hij nogal veel deed die rit, deed ik mijn uiterste best niet te ademen. Ondertussen kon ik door het alarmsysteem in mijn neus niet meer deftig lezen en hoorde ik hem af en toe ook nog zacht boeren. Ja wat doe je dan?

Ooit was het eens zo erg dat ik wel van plek ben verschoven. Dat was gewoon niet meer te harden, maar nu had ik precies niet het lef of de moed om ergens anders te gaan zitten. Gelukkig had ik een trui aan met een rolkraagje, waardoor ik (hoogstwaarschijnlijk heel opvallend) mijn neus verstopte en enkel nog de parfum die ik een uur daarvoor had opgespoten in mijn hersenen snoof. Gered!

donderdag 21 februari 2008

De wildvreemde.

Laatst interviewde ik een vrouw. Bij het eerste contact dacht ik al direct dat moet wel een madam zijn zoals ik. Misschien kon je er ook niet rond kijken, was het al duidelijk en hoefde ze het niet te bevestigen. Maar toen ze dat toch deed vond ik het mooi te horen hoe ze tegen een wildvreemde als ik kon zeggen dat ze die zaak samen met haar vriendin had opgestart. Het leek zo simpel toen ze het zei. Ze zou even goed man kunnen zeggen. Het mooie was dat men collega er niet op reageerde. Zelfs niet door een hapering, maar dat hij gewoon verder deed alsof het de normaalste zaak van de wereld was. Ja zelfs ik sta daar nog van te kijken.

zondag 17 februari 2008

Chocolade

De repen chocolade die er dezer dagen doorgaan zijn moeilijk te tellen. Gelukkig heeft mijn moeder dit weekend een nieuwe voorraad in geslagen, want ik ben niet te houden. Ik weet wel niet of die stof die in die repen zit mij nu helpt of niet. Het eten er van geeft me alvast een goed gevoel. Maar misschien is dat omdat ik altijd in de ‘boekskes’ lees dat je tijdens mindere buien naar chocolade moet grijpen. Nu moet ik wel oppassen, op tijd die weegschaal in het oog houden en mijn sportkledij aan, want anders kan je me straks gaan rollen en ik denk niet dat ik tijdens die beweging nog een lief zal te pakken krijgen. Nu ik er aan denk, verheug ik me nog meer op Pasen. Die chocoladen eieren zullen hier niet lang blijven liggen vrees ik…

zaterdag 16 februari 2008

De njet.

Ik weet het, het was hier weer even stil. Maar daarom heb ik zelf nog niet stil gezeten… Gelukkig is de maand februari al even bezig en ben ik nog steeds vrijgezel. Gek om te zeggen, maar hopelijk blijft dat nog even zo of ik zou wel eens een gestoorde maandelijkse gewoonte kunnen kweken. Waar ik het over heb? Op twee maanden tijd twee we-proberen-het-eens-relaties, dat lijkt me niet gezond. Voor de snelle wiskundigen onder ons is dat een gemiddelde van één “vlam” per maand. Okaj zo klinkt het leuk en in het begin is dat ook zo. Je voelt je aanvaard, knap, waardevol op de liefdesmarkt. Maar daarachter schuilt het gevaar. Want die “njet” achteraf kan best wel hard zijn. Ook al was het eigenlijk allemaal nog niet begonnen en sprak je van kriebels in plaats van verliefd zijn. Geloof me, het brengt je vertrouwen van je kunnen op liefdesvlak onder het gemiddelde. En dat heeft dan weer invloed op het vertrouwen in je werk, je uiterlijk, kortom alles dat je zou moeten ondernemen. Dan krijg je van die knappe collega met haar betoverende ogen te horen dat je zo serieus kijkt of weet je niet of je eerlijk moet antwoorden op die alom bekende vraag “Hoe gaat het met jou”. Wel op zo’n moment trek ik me terug, zucht ik diep in mezelf en zet ik mijn tandenpasta glimlach op. En voor de echte vrienden zeg ik het eerlijk, dat ik er nog wel toekomst zie en de tijden nog wel zullen veranderen.